
Wat mis ik het praatje in de trein
THEMAKRANT COMMUNICATIE (editie 23, januari 2025)
door Mieke van der Jagt
Ondanks alle communicatiemiddelen die we nu hebben, mis ik toch het avontuurlijkste van allemaal: het praatje in de trein. Al jaren heeft de treinreis voor mij alle glans verloren.
Voor het eerst onderweg naar mijn kamer in Rotterdam voelde ik me een soort kosmopoliet: helemaal alleen in de trein op weg naar iets belangrijks. In Lage Zwaluwe zakte er een oude man tegenover mij neer. Achteraf schat ik hem ongeveer 50. Het was bloedheet en hij had een grote herenzakdoek – knoopjes in alle vier de puntjes – op zijn hoofd. In Dordt wist ik al dat hij bij zijn moeder pruimen ging plukken. Het mens was ziek en alleen en hij maakte zich grote zorgen om haar. Ze wilde niet naar een bejaardenhuis en hij gaf haar groot gelijk; maar ja. In Rotterdam wist ik alles van hem.
Huwelijksaanzoek
Op een van die wekelijkse reisjes heb ik ook nog eens een huwelijksaanzoek gehad. Ook een ouwe man. Had zijn huisje vrij, een redelijk inkomen en er werd weinig van mij verwacht. Ik denk dat hij dacht: een groot wuuf, die zal wel kunnen koken. Hij was kennelijk blind want hij opende de conversatie met: ,,Juffrouw wat hebt u een mooie bruine ogen.” Die zijn dus blauw.
Om op school te komen, moest ik dagelijks van Rotterdam naar Delft. Een keer kwam ik terecht tegenover een man met één heel groot oor. Dat oor was de reden dat hij elke week naar het ziekenhuis in Leiden moest. Een heel gezellig iemand. Ik zocht hem elke week op of hij mij. De laatste keer was zijn vrouw erbij, die ik eigenlijk al kende. Zij mij ook, bleek. Ze gingen voor een uitslag die ik nooit heb kunnen vernemen, het was inmiddels vakantie.
Contactlens
Voor die tijd was ik al, samen met een vriendin, in Europa op pad geweest. Voor 220 gulden kon je met de NBBS twee weken heel Europa door. Ergens in Zwitserland kwamen we Gary tegen. Nog nooit had ik iemand gezien die helemaal van boven tot onder getatoeëerd was. Gary was een Schot, ergens van een eilandje waar volgens hem maar één dag per jaar de zon scheen. Misschien maar goed ook want hij had onder de tattoos de doorzichtige huid die bij zijn rode rasta hoorde. Toen wij instapten was hij zijn contactlens aan het zoeken.
Tot Verona hebben we helpen zoeken maar niks gevonden. Hoewel hij onderweg was naar Venetië, is hij toch tot Rome bij ons gebleven. Alle schunnige liedjes die er in het Schots bestaan, hebben we van hem geleerd. Het was ook heel handig omdat hij als ervaren backpacker alle goedkope slaapplaatsen in een boekje had opgeschreven.
Het zijn die talloze vluchtige vriendschappen die ik mis nu iedereen in zijn telefoon kruipt zodra hij gaat zitten.
Foto boven: Gezellig met de trein. | Foto: Spoorwegmuseum
Geen reacties